Februari

Hoe lees je de Melkproductieregistratie, deel 1

De Melkproductieregistratie (MPR) geeft inzicht in melkproductie en efficiëntie van het melkvee. Door te kijken naar uitvoeringsdatum, melkproductie, lactatiedagen, gehalten en ureum per groep worden sterke punten en verbeterkansen zichtbaar. Een kritische analyse van deze cijfers vormt de basis voor gerichte optimalisatie van rantsoen en management.

Terug naar overzicht

De melkcontrole is op de meeste melkveebedrijven een standaard procedure die elke 3 tot 6 weken wordt uitgevoerd. De MPR geeft een goed beeld van de productie van het melkvee, onderverdeeld in dagen in lactatie en in leeftijdscategorieën. Als de resultaten binnen zijn, dan is het kijken geblazen! Wat gaat goed of fout, met welke oorzaak en waar gaat het wel of niet goed.

Van rantsoen naar rendement
We streven allemaal naar een efficiënte melkproductie, waarbij het gevoerde rantsoen maximaal wordt omgezet in melk. Dat is winst voor de koe én voor de boer. Het voordeligste gaat dit door het eigen voer eerst te benutten. Het bespaart op aankoopkosten en zorgt tegelijk voor minder CO₂ emissies en ammoniak, met bovendien een hoger aandeel eiwit van eigen land.

Wat is een goede MPR
De belangrijkste vraag is: Wat is een goede MPR? Hoe beoordeel jij of de MPR goed is of juist minder goed is? Hoe lees je de MPR? Hieronder het eerste deel van een 10-stappenplan waarmee je de MPR op de juiste manier kan lezen en beoordelen.

  1. Check de uitvoeringsdatum: Misschien een schot voor open doel, maar wanneer is deze MPR eigenlijk gemonsterd? Als dit langer geleden is, hoeveel zeggen deze cijfers dan over de situatie op dit moment? Mocht er wat veranderd zijn zoals een nieuwe kuil, andere brok etc. dan is dit goed om in het achterhoofd te houden.
  2. De melkproductie: Hoeveel kg melk geven de koeien gemiddeld? Waarom ben je hier tevreden over/wil je dit veranderen? En hoe is de verdeling tussen de lactatiegroepen? Kijk hier eens naar en leg dit eens naast de krachtvoertabel, klopt de productie met waar je voor voert?
  3. Lactatiedagen: Hoelang is de veestapel in lactatie? Past de melkproductie bij dit lactatiestadium? Als voorbeeld: 30 kg melk is makkelijker te melken bij 160 lactatiedagen dan bij 220. De melkproductie laat zich dan al snel verklaren door het aantal lactatiedagen.
  4. Gehalten: Wat is het melkvet, eiwit en lactose? En hoe is de verdeling tussen de lactatiegroepen? Als voorbeeld: Een vetgehalte dat bij de groep <60 dagen 0,4% hoger is dan de -120 dagen duidt vaak op een forse negatieve energie balans (NEB). Als hier sprake van is wordt er lichaamsvet verbrand, dat is zichtbaar in een hoger melkvet bij de verse koeien.
    Stel jezelf dan de vraag wat er gebeurt of is gebeurd in de opstartperiode of in het rantsoen van deze groep. Of ligt de oorzaak bij een onjuiste krachtvoertabel die dit (structureel) kan veroorzaken?
  5. Ureum: Wat is het melkureum? En hoe is de verdeling tussen de lactatiegroepen. Bij DMS streven we naar een opbouwend melkureum. Verse koeien zijn efficiënter met eiwit dan oudmelkte koeien, daarom is een scherp ureum (zeg 14) prima mogelijk bij de verse koeien mits deze voldoende energie gevoerd krijgen, een ureum van 19-20 mag bij de >305 dagen groep. Deze koeien zijn in de regel minder efficiënt met het gevoerde eiwit vanwege het aantal lactatiedagen, en hebben wat meer eiwit in het voer nodig om melk te blijven geven.

MPR verbeterpunten
Ter afsluiting van het eerste deel van deze kringlooptip over de MPR, neem de MPR eens grondig door en signaleer opvallende zaken, zowel positieve punten als aandachtspunten. Hoe komt dit, wat kan dit veroorzaakt hebben? En vooral, was dit vorige keer/keren ook zo?

Zelf een oorzaak vinden kan soms uitdagend zijn, schroom dan ook niet om dit te bespreken met een voeradviseur of andere expert. Pas wanneer je de oorzaak weet is verbetering mogelijk!

Deze tip draagt bij aan:

  • Ammoniakuitstoot
  • Broeikasgasuitstoot
  • Eiwit van eigen land
  • Levensduur