Land van melk en honing

26 oktober 2017 •

Al decennia lang vormt het mooie, open cultuurlandschap het bestaansrecht van Midden-Delfland. Die kwaliteit beschermt het gebied tegen de oprukkende stad. De mening van de stedelingen over het gebied doet er dus toe. Een duurzame toekomst voor Midden Delfland valt of staat met de waardering van de stedeling. Voor de boeren in het gebied is dat een lastig gegeven. Stadse ideeën over wat goede landbouw zou moeten zijn, worden door boeren vaak naïef en romantisch gevonden. Zij moeten immers hun boterham kunnen verdienen. Het is de hoogste tijd dat boeren en stedelingen meer met elkaar in gesprek komen over het landschap en de landbouw van de toekomst.

In het innovatienetwerk Midden IN Delfland voeren we dit gesprek. Stedelingen worden uitgedaagd om zich te verdiepen in het boerenbedrijf en om betrokkenheid en medeverantwoordelijkheid te tonen door met de boeren aan innovaties te werken. Boeren worden uitgedaagd om zich te verdiepen in de vraag vanuit de stad, en om te vernieuwen met het oog op een duurzame toekomst.

Op dit moment is Midden-Delfland vooral een land van melk. Het landschap is daarvoor zo aangepast, dat andere diensten van het landschap ondergeschikt zijn geraakt. Die andere landschapsdiensten zijn echter belangrijk voor de kwaliteit waar de stad om vraagt. Stedelingen vragen om een Midden-Delfland waar ook genoten kan worden van vogels en bloemen, waar CO2 wordt opgeslagen, waar ze tot rust kunnen komen, waar de historie van het landschap zichtbaar is, waar het water schoon is, en waar kruiden groeien die goed zijn voor de gezondheid van de koeien. Een landschap met meer (bio-)diversiteit levert meer landschapsdiensten. Om het aantal landschapsdiensten te vergroten, en dus in te spelen op de vraag uit de stad, kan het nodig zijn om de dominantie van melk wat in te dammen en biodiversiteit meer ruimte te geven. Stel je voor: Midden-Delfland wordt een land van melk en honing! Een land met koeien en bloemen. Een land dat voedsel oplevert en waar het ook goed toeven is.

Biologische en gangbare boeren kunnen samen een divers landschap maken. Ze kunnen met natuurvriendelijke oevers, plas-dras en bloemrijke randen meehelpen om het aantal landschapsdiensten te vergroten. Ze kunnen aan agrarisch natuurbeheer doen en werken aan waterkwaliteit. Het verbreden van het aantal producten draagt ook bij aan de diversiteit. Het afmesten van koeien in het gebied zelf toont koeien in de wei. Lisdodde is interessant voor de vezelindustrie en verrijkt het landschapsbeeld. Kleinschalige graanteelt gaat gepaard met extra flora en fauna. En compostering van biomassa door boeren kan interessant zijn voor terreinbeherende organisaties en het waterschap.

Door na te denken over mogelijke landschapsdiensten krijgen we nieuwe klantgroepen en verdienmodellen voor de landbouw in beeld. De totale melkproductie gaat dan misschien wat omlaag, maar de waarde van die melk wordt groter. Voor melk uit Midden Delfland kan dan een hogere prijs worden gevraagd. Een landschap met kwaliteit biedt mogelijkheden voor het opzetten van neventakken in de recreatie, horeca en zorg. Het landschap vormt, samen met duurzame energie, de basis voor positieve vormen van contact tussen stad en land.

Wat zou het de boeren opleveren als ze echt gaan inspelen op de wensen van de stad? Het lijkt risicovol om niet meer alleen in te zetten op melk, maar op de lange termijn is mikken op ‘melk alleen’ wellicht risicovoller. De vraag van de stad is ook een uitdaging om te innoveren en toekomstbestendig te worden. Want de toekomst van Midden-Delfland is verbonden met de stad. Een land van melk en honing heeft toekomst doordat mensen er graag komen. En hoe blij kun je worden van een tevreden klant?

Deel dit bericht

Meer initiatieven

Lees meer

Fotoverslag MIND-event 2019

28 juni 2019
Lees meer

Themasessie ‘Datagedreven landbouw’

13 november 2018
Lees meer

Maatwerkadvies voor bedrijfsovername

16 juni 2021
Lees meer

Sjaak Bral - De Vier V's

11 juli 2019